Kleuren roepen ook verschillende gevoelens op; we spreken daarom ook van koude en warme kleuren, agressieve kleuren enz. Rood is een warme vurige kleur. Groen geeft rust, dit is van belang bij aanleg van tuin (gazon), in maken van een bloemstuk, woninginrichting. Blauw is een koelere kleur en ook een kleur die verder weg lijkt dan rood. In blauw kun je ver weg kijken, althans die illusie geeft het; denk maar aan blauwe luchten en eindeloze verten.
De individuele symbolische betekenis van een kleur, vindt haar oorsprong bij de mens zelf. Iedere mens bezit een kleurhistoriciteit die uit eigen ervaringen in het verleden is gegroeid al dan niet beïnvloed door opvoedings- en beroepsomstandigheden en milieu en geleid door individuele ontvankelijkheid : de zgn. subjectieve kleurhistoriciteit.
Het uitgangspunt van de kleurensymboliek is dat iedere kleur een eigen appèlkarakter bezit, waarvan de inhoud zeer gevarieerd kan zijn. In het ene geval heeft rood een positieve waarde als kleur van de liefde, in het andere geval een negatieve waarde als kleur van de agressie. Deze waarden blijken bovendien, wanneer we het symbolisch kleurgebruik in de verschillende cultuurperioden vergelijken, niet constant te zijn. Er zijn steeds een aantal factoren die het symbolisch kleurgebruik mede bepalen.
Kennis van deze factoren bevordert het inzicht in de kleurensymboliek. Het leidt tot een meer genuanceerde benadering en hantering van de kleurensymboliek.
geel
positief:
zon, goud, energie, dynamisch, naar buiten wendend. levendig, veelzijdig,
geestig
geel negatief:
haat, nijd, wispelturig, beproeving, smart
oranje
positief:
vrolijkheid, feestelijk, warmte, rijkdom
rood
positief:
beweging, vitaal, kracht, levendig, roem,wamte, vreugde, liefde
rood negatief:
bloed, strijd, lijden, loutering, vuur, hartstocht
blauw
positief:
lucht, grenzeloze hoogte, water, naar binnen wendend, mysterieus, vrouwelijk,
moederlijk, ontvankelijk, verfijning, trouw, overpeinzing
blauw negatief:
koud, ongenaakbaar, leegte, weekheid, slapheid, flauwte, egocentrisch
violet, paars, purper
en lila positief:
koninklijk, priesterlijk, macht, heerschappij,
verfijnde gemoedsbeweging
violet, paars,purper en lila negatief:
ernst, overweging, boetvaardigheid, weemoed
macht, heerschappij, conflict. labiel, heimwee naar het licht, duister licht,
koude warmte, verstarde levendigheid
groen
positief:
natuur, groeien, vruchtbaarheid. hoop, evenwichtig,
egocentrisch, jeugd, gezond, levendig
groen negatief:
egocentrisch, neutraal, passief, zelfhandhaving, verdedigen, vals, giftig
wit
positief:
het aanwezig zijn van licht, zuiverheid, onschuld, geloof, blijdschap, barmhartig,
rouw
wit negatief:
koud, leegheid, rouw
zwart
positief:
vormgevend, orde scheppend, respect afdwingend, distantie, ernst, vrede
zwart negatief:
het afwezig zijn van licht, grenskleur van het leven, droefheid, rouw, dood
bruin
positief:
kleur van de grond, aardsgebonden, geborgenheid, vertrouwenwekkend, eerlijk,
eenvoud, bescheiden, nobel; glanzend bruin en bruinrood: vitaal, levendig,
warmte
bruin negatief:
statisch, spanningloos; dof bruin: saai, burgerlijk.
De metaalkleuren drukken symbolisch uit:
goud: bovenaardse luister.
zilver: vast vertrouwen.
koper: onwankelbaarheid.